| Huizinga geloofsperikelen, de weg naar het Bijzonder Onderwijs 9 Juny 1846. Dankpreek te Oosterend. Dominee Steinfort en de schoolopziener Creighton bij mij te kerk. Des avonds op uitnoodiging bij den Burgemeester, aldaar de Heer Creighton en Dominee Vrendenberg. Met zeer veel genoegen met den schoolopziener kennisgemaakt. Den ganschen avond over schoolzaken en onderwijs gesproken. De school van Smits zal nu in een Bewaarschool veranderd worden. Vrendenberg voorspelt zich er niet veel goeds van. De schoolopziener is geheel geen vriend van de Roomschen. Hij had er veel onaangenaamheden in falsiteiten van ondervonden, vooral van de pastoors. Hij ontraadt het dan ook zeer om een pastoor hier in de schoolcommissie op te nemen. Huizinga zelf deed zijn kinderen op school bij de beste onderwijzer die hij kon vinden, meester Verberne. Die was Rooms, zodat Huizinga's kinderen op de katholieke feestdagen vrij kregen. 10 Juny 1852. De kinderen niet ter school om de Sacramentsdag. Erg goed was dat onderwijs trouwens niet. 14 November 1856. Vanavond vertoefde ik een kwart uur in de school van Verberne. 't Beviel mij er niet, 't ging er zeer ordeloos toe, de onderwijzer scheen zeer slaperig, toen ik kwam zaten de kinderen zich in 't duister te vervelen. 1 November 1861. Vrendenberg stelt voor dat de Hervormden en Doopsgezinden aan den Burg Meester Brouwer of iemand anders aanstellen om met de protestantsche schooljeugd den Bijbel te lezen en de daarin voorkomende geschiedenissen te behandelen. Ik heb daar nogal bedenkingen tegen. Ik meen dat het nogal moeijelijk is de Bijbelsche Geschiedenis goed voor te stellen. Ligt dringen daarbij schadelijke meeningen in. 19 February 1873. Dominee Nijenhuis van de Cocksdorp zegt: Tusschen Roomschen en Gereformeerden was het thans zeer gespannen. De pastoor verbood aan de Rederijkerskamer deel te nemen. Zoo ook dat jongens en meisjes naast elkaar op de schoolbanken zouden zitten. Dat was onzedelijk. 19 April 1875. Wij beiden daarna met Vrendenberg naar den Hoorn, Krans bij Bakels. Bij Bakels ook Wieringa. Deze spreekt uitvoerig ter verdediging van het zoogenaamde restitutiestelsel ten bate van Bijzondere Scholen. Hij laat zich door niets daarvan afbrengen, schoon krachtig weersproken door Bakels en Boonacker, gelijk door Vrendenberg en mij. Hij noemt de tegenwoordige toestand van het onderwijs allerellendigst en verwacht dat alles beter zal worden als elk zijn kinderen daar kan zenden ter school waar hij weet dat aan zijn verlangen naar Godsdienstige opleiding voldaan wordt. Hij wil de meest mogelijke vrijheid voor ieder, welk stelsel hij ook huldigt. De anderen meenen dat achter die agitatie tegen de bestaande Neutrale School politieke bedoelingen schuilen. 4 Mei 1875. Ik hoorde gister verhalen hoe Burgemeester Loman onlangs met iemand voorbij het Roomsche Kerkhof wandelende, het hek zag openstaan en toen naar de grafsteenen enz. was gaan kijken, maar hoe toen onmiddelijk op last van de pastoor de koster was gekomen om hem te zeggen dat die plaats afgesloten heilige grond was, en dat hij die dus moest verlaten, aan welken eisch de Burgemeester dan ook voldeed. 3 Juny 1876. Voor eenigen tijd is hier een nieuwe R.C. pastoor gekomen, die zich zeer schijnt te beijveren om de scheiding van Roomsch en Protestants meer volkomen te maken. Aan de Roomsche meid van den Heer de Holl is althans door hem verboden langer bij een protestant te dienen, zoo dat zij is heengegaan. 8 December 1876. Aan de Waal bij Bakels. Aldaar Katrina. Terwijl deze naar Boonacker ging, en Fokel om hoofdpijn naar bed moest, bleef ik nog wat genoeglijk praten over den tegenwoordigen stand van zaken in de Theologische en Kerkelijke wereld ook hier op Texel. Wij stemden overeen dat die veel te wenschen overliet. 8 Mei 1877. Koekebakker studeert dagelijks, meest in philosophische werken. Veel spraken wij over den Kerkelijken strijd dezer dagen. Hij bestrijdt het denkbeeld dat de Neutrale school verdraagzaamheid zou kweeken. Hij wil dat de Godsdienst niet van de school geweerd worde. 2 December 1878. Bakels bragt van Habbema het Wageningsche Weekblad waarin Gelderman giften vraagt voor zijn Christelijke Bewaarschool om onze Neutrale te neutraliseren. Vrij schamper, De Holl leest het. Ik neem het mede te 6 ure naar de Vergadering van 't Bestuur der Bewaarschool op 't Raadhuis, waar Loman het voorleest. 24 April 1879. Te 4 ure moest ik naar de Kerkeraadsvergadering aan de Waal. Ik reed daarheen met de diakens. Zij verhaalden dat de confessioneele partij heeft nu een huis in de Weverstraat voor haar bewaarschool gekocht. Misschien zal de school een 30-tal kinderen aan de Algemene Bewaarschool onttrekken. 28 April 1879. Vannamiddag te 2 ure was ik ter begrafenis bij Jan Kalf den slager van zijn 90-jarige blinde schoonmoeder Dieuwertje de Leeuw, weduwe van P. Buis, waarvan nog 2 zoons en 3 dochters in leven. Ik was gevraagd wijl Gelderman vandaag naar Amsterdam ging. Gesprekken o.a. over de Bewaarschool, waarvan het groote nut algemeen wordt erkend. Ik deed sterk uitkomen het overbodige van eene Christelijke Bewaarschool, wat ook door velen werd beaamd. Niemand kwam er tegen op, ofschoon 't mij bleek dat de kinderen van G. Buis aan 't Nieuwe Diep op een Christelijke Bewaarschool gingen. Hij scheen ten gunste daarvan alleen te kunnen zeggen dat de kinderen daar ook het Onze Vader leerden. 4 Mei 1879. Daarna bij Jan Kalis en vrouw en kinderen, waar ik mij veel genoeglijker geplaats voelde. Hij verhaalde hoe Gelderman bij hem was geweest en wat zij verhandeld hadden. Hoe Gelderman van 't strengste exclusivisme uitgaat, zoodat hij hier ook gaarne eene Christelijk Nationale school zou oprigten. Hoe Kalis hem van deze en andere pogingen een verwijt had gemaakt. 29 Maart 1884. Hedenmorgen briefkaart van Cornelis P. Keyser (uit Leeuwarden) dat hij hedenmiddag bij ons hoopte te zijn. De Bewaarschool gaat nu over aan 't Nutsdepartement, 60 leerlingen, weinig minder dan de zogenaamde Christelijke bewaarschool. |